16-12-2007 - Onbereikbare troost
Wijl de uren verstreken draaiden ontelbare verre zonnen rond haar wereld, doch te ver om Aika enige warmte te schenken. Slechts puntjes groot, alsof iemand uit pure verveling gaatjes had geprikt in het donkere hemelgewelf.
Machteloos bij de onbereikbaarheid van zoveel warmte, vormde zich nieuwe tranen in haar glanzende ogen. In het verdrie om zoveel onbereikbare troost leken de tranen heel even het sterrenlicht als een glinstering te kunnen vangen, vlak voor ze onherroepelijk verloren vielen in het steeds killer wordende zand.
De rots die haar leek te beschermen tegen de opkomende gure wind, was het meest levende in haar nabijheid. De schijnbaar roerloze rots die te ademde om te kunnen gewaarworden, deelde met haar dat beetje warmte dat hij gespaard had. In haar triestheid was dit het meest dankbare gebaar en in ruil schonk ze hem het kleine beetje liefde dat haar versteende hartje opbrengen kon.
Gepost door: Aika op 16-12-2007 om 23:01
|